LOADING

Claron McFadden

Sopraan bij de muzikale ontdekplek in Amsterdam

Sopraan en performer

Interview en tekst: Annie Oude Avenhuis
3 oktober 2017

Claron McFadden is sopraan, beroemd in binnen- en buitenland. Ze studeerde in Amerika cum laude af. ‘De motor van wie ik ben en wat ik doe is mijn nieuwsgierigheid en de drang om mijn grenzen te verleggen.’  Met een beurs studeerde ze in Europa en daar bleef ze. In 2007 won ze de Amsterdam Podiumprijs voor de kunsten. Wat heeft ze eigenlijk met de hobo?

Kinderkoor
Zingen was vanzelfsprekend in het gezin van de McFaddens. Ze zongen in de zwarte traditie, met name gospels in de kerk. Haar vader zong in een gospel-mannenkwartet en Claron zong in het kinderkoor.  Op de basisschool had ze les van juf Gladys Iler, die een klassiek geschoolde stem had. ‘Dat vond ik geweldig, mijn hart ging open van het contact met Bach, Copland en de Westerse klassieke muziek. Toen ik voor het eerst een hoge sopraan hoorde zingen in een opera, dacht ik: dat wil ik ook. Ik vroeg aan juf Iler: kan ik zangeres worden? Het antwoord was “ja!” Als jong meisje zong ik al voor de spiegel, ik was al zangeres, maar wist dat toen nog niet.’ Met haar zus  en nicht deden ze de Supremes, The Three Degrees en Melvin &The Blue Notes na: de zang, mimiek en gebaren, alles imiteerden ze.

Hobo en zang
‘Op mijn zestiende kreeg ik zangles van John Maloy, zangdocent op de Eastman School of Music. Hij was een hele strenge docent. De beste basistechniek heb ik van hem geleerd. Hij vond dat ik veel talent had, dat was duidelijk. Ik vond het altijd spannend hoe hij reageerde: “not bad…, not bad at all”, en dat was een enorm compliment’. In die tijd speelde Claron ook hobo. Ze heeft tien jaar hobo les gehad. Maar het maken van de rietjes vond ze écht niet leuk. Via de hobo is de zoektocht begonnen om haar eigen stem te vinden. ‘De hobo ligt heel dicht bij mijn stem: het bereik is bijna gelijk. Ik voelde dezelfde trillingen, alsof ik aan het zingen was. Dank aan de hobo, dat ik zangeres ben geworden.’ Vorig jaar heeft ze de hobo uit Amerika meegenomen. Ze vindt het fijn dat het instrument nu weer bij haar thuis is.

Stem en muzikale expressie
Muzikale expressie in een stuk vraagt soms dingen van haar stem, die ze graag wil doen, maar niet zo gebruikelijk zijn voor een klassiek geschoolde stem. Daarom luistert ze heel goed naar haar stem. Die stem wint het altijd van de muzikale expressie. John Maloy zei het al: “sommige dingen kan je nu zingen, sommige pas over tien jaar en sommige dingen kun je nooit zingen. Als je dat respecteert, dan blijft je instrument gezond en kun je zingen tot je dood gaat.” Twee keer was ze haar stem door een ontsteking kwijt. ‘Dat was heel naar, want ik dacht, die komt nooit meer terug. Door stemrust te nemen kwam mijn stem terug. Ik moet mijn stem respecteren, ik heb écht heel goed geluisterd.’

En Splendor?
‘Splendor moet niet te gelikt worden, het moet ruig blijven. We moeten alert blijven en trouw zijn aan onze uitgangspunten dat we een laboratorium zijn. Elke keer vul ik mijn ledenconcert anders in. Ik nodig jonge mensen uit om hen een plek te geven om hun muziek te maken en eigen stem te ontwikkelen. Ik barst van alle gekke ideeën. Ik koester Splendor, als een veilige plek voor musici. Ik woon in de buurt. Elke keer als ik langs kom, dan kijk ik even of alles nog oké is.’ Naast Splendor is ze verbonden aan productiehuis Transparant in Antwerpen. Ze trekt met ‘muziek en aubergine’ de wereld rond, een culinair en theatraal concert om verbinding tussen mensen te vieren.

Trilling
Ik was acht of negen jaar. In het kinderkoor in Rochester werd ik twee keer uitgekozen om in te zingen tot de hoge C. Dat was een hele eer om te doen. Het liedje ging elke keer een halve toon omhoog. Hoe hoger ik zong, hoe meer ik in extase raakte. Opeens stopte de docent. Ik begreep niet waarom, ik wilde doorgaan met zingen. Ik kon hoger, hoger en nog hoger zingen, maar ik moest stoppen. “We hebben de hoge C bereikt”, zei de docent. Ik vond het vreselijk, want ik wilde doorgaan. De trillingen in mijn hoofd en lichaam waren zo geweldig. Ik had nog nooit zoiets meegemaakt. Mijn hele wezen vibreerde op een speciale manier. Ik was één met de trilling, met de muziek en met de noten. Dat was een hele bijzondere ervaring. Ik zie het, ik hoor het, ik voel het nog. Daarom blijf ik zingen.’